Kamiel Maase loopt record in Amsterdam
’Ik wil in Beijing een duidelijke streep trekken’

Kamiel Maase”Ach, 2.08 laag, een Nederlands record en olympische kwalificatie, hier staat een heel tevreden mens”, zei Kamiel Maase direct na afloop van de ING Amsterdam Marathon waarin hij als negende eindige en zijn eigen Nederlands record met tien seconden verbeterde. Het was voor hem een belangrijk stap op weg naar de Olympische Spelen in Beijing.
Het moet zijn laatste grote toernooi worden. Daarna wil de Zeistenaar een stapje terug doen om plaats te maken voor de nieuwe generatie. Een gesprek over Beijing, Amsterdam, Egmond en de concurrentie van de gameboy.

Hij maakt er maar een grapje van. “Deze marathon is op zeeniveau, dus heb ik bewust mijn trainingskamp op zeeniveau opgeslagen”, zegt een ontspannen ogende Kamiel Maase voorafgaand aan de ING Amsterdam Marathon. Maar zo bewust was dat allemaal niet. Maase wilde de 10 kilometer in Osaka lopen, maar wist de limiet niet te halen. “Toch was de teleurstelling niet groot”, zegt hij. “Ik had al een slecht baanseizoen achter de rug en was gewoon niet goed genoeg. En als ik ergens niet klaar voor ben, dan heb ik ook geen zin om via een achterdeur binnen te komen. Wat dat betreft had ik er meer moeite mee dat ik in 2005 niet naar het WK in Helsinki kon. Toen was ik er namelijk wel klaar voor, maar zorgde een hamstringblessure ervoor dat ik op het laatste moment niet kon gaan. Dat was balen, maar in het geval van Osaka had ik er vrede mee.”

Maase kon de knop ook snel omzetten omdat hij ook de ING Amsterdam Marathon op zijn programma had staan. De trainingen voor Osaka liepen daarom vloeiend over in de trainingen voor de marathon, met dat verschil dat de duurtrainingen natuurlijk werden opgevoerd. Maar hoeveel hij precies heeft getraind voor de marathon, kan hij niet zeggen. “Ik hou mijn kilometers niet zo bij. Daar gaat het mij niet om. Het gaat mij er om hoe ik in de tempoblokken loop en die gingen goed. Maar als je de kilometers wilt weten; ik denk dat ik in de zwaarste weken op de 200 kilometer zat.” “Het is altijd moeilijk om van te voren aan te geven hoe je je op een marathon voelt, maar de Tilburg Ten Miles en de Dam tot Damloop gingen even goed als 2003. Ik weet nog wel dat ik in 2003 twee weken voor Amsterdam in Breda uit moest stappen omdat het in mijn bovenbeen schoot. Nu speelt mijn lies soms op. Ik heb ook niet de illusie dat tijdens een voorbereiding alles moet kloppen.”

Maase was van plan om weg te gaan op zijn recordschema van 2003 toen hij het Nederlands record van 2:08:31 vestigde. “Die tijd is reëel”, zegt hij. “Aan de andere kant, als ik 2:09 loop, dan loop ik de tweede tijd uit mijn carričre. Het zou mooi zijn als ik de tijd uit 2003 kan aanscherpen, maar ook als in 2:09:59 loop, spring ik een gat in de lucht.” Uiteindelijk liep hij een uitgebalanceerde race en dacht er zelfs nog even aan dat hij onder de 2:08 zou duiken. "Geweldig. De tweede keer dat ik in de 2.08 loop", hijgde hij kort na de finish. "Ik heb nog even gehoopt dat ik in de 2.07 zou kunnen lopen, maar de slotfase was toch erg zwaar. Ik weet niet of het op sprinten leek, maar het leken wel de laatste twintig meter van mijn leven.” Met de 2:08:21 voldeed Maase natuurlijk ook ruimschoots aan de selectiecriteria voor Beijing. Maase: “Het is nog geen kwalificatie, omdat je je alleen in het Olympisch jaar kunt kwalificeren. Maar het betekent wel een nominatie en die nominatie wordt bij vormbehoud omgezet in een kwalificatie.” Het lopen van de marathon in Beijing is Maases uiteindelijke doel. En het zal tegelijk zijn laatste grote toernooi zijn, zo klinkt in het hele gesprek door. “Na Amsterdam rust ik eerst een paar weken uit en dan kijk ik wat ik verder ga doen. Ik wil in elk geval in Beijing de afstand lopen waar ik sportiefst het ver mee kom en ik denk niet dat dat de 10.000 meter is. Mijn hart ligt ook veel meer bij de marathon, hoewel die in Beijing zwaar zal zijn vanwege het klimaat.”

Maases denkt dus al voorzichting aan zijn afscheid, terwijl de andere Nederlandse marathontopper, Luc Krotwaar, ook de jongste niet meer is. Het zijn de enige Nederlanders die in potentie een marathon onder de 2:10 kunnen lopen. Koen Raymaekers, Sander Schutgens en Jeroen van Damme zitten daar vlak achter, maar zijn ook al weer wat ouder. Wie moeten het gat opvullen? Maase: ‘Michel (Buter – red.) zal logisch zijn en wellicht ook Khalid (Choukoud – red.). Maar dat moet eerst maar blijken. Het wreekt zich dat Nederland geen topsportklimaat voor lopers heeft. Het moet nog steeds vooral uit de sporter zelf komen. Het begint als hobby en als blijkt dat iemand talent heeft, dan moet je verder kunnen komen. Maar daar zijn faciliteiten voor nodig, zeker omdat het steeds moeilijker wordt om je voor toernooien te kwalificeren. En dan moet bij veel jongeren het hardlopen ook nog eens concurreren met de maatschappelijke carričre en de gameboy.”
Op dit moment zijn dus alleen Maase en Krotwaar in staat de Olympische limiet op de marathon te halen. Dat is toch opmerkelijk in een land waar het hardlopen een ware hype is en tienduizenden zich verdringen om mee te mogen doen aan bijvoorbeeld de Dam tot Damloop en de Zevenheuvelenloop. Maase: ‘Het is inderdaad ongelooflijk als je daar bij de start vak naar vak ziet met al die lopers. Maar hou er rekening mee dat de meeste deelnemers een tijd tussen de 1:30 en 2:00 lopen. Daarmee vel ik overigens geen waardeoordeel. Het gros van de recreanten traint twee of drie keer per week om fit te blijven. Het enthousiasme is enorm, maar het is natuurlijk niet genoeg om Beijing te halen. Aan de andere kant is het natuurlijk opvallend dat uit die hele grote vijver niet meer talent komt boven drijven.

Het houdt Maase niet af van zijn beslissing om na Beijing te stoppen. “Het zal m’n laatste grote toernooi worden. Daarna zal ik nog wel een paar wedstrijden lopen, maar ook daarmee zal ik snel stoppen. Ik wil een duidelijke streep trekken. Ik wil niet door blijven lopen tot mensen langs de kant gaan fluisteren: ‘Kijk, daar gaat Maase. Toch wel een beetje sneu.’ Dat wil ik voorkomen en daarom zal ik mijn carričre als toploper niet als een nachtkaars laten uitgaan.” En wat wordt zijn laatste wedstrijd? “Na Beijing zal ik dat eens rustig bekijken als ik ergens zit met een goed glas bier. Wellicht Egmond, want daar heb ik goede herinneringen liggen. Cees (Pronk – red.) moet me maar eens bellen.”

Vorige pagina